Eén momentje Tahrirplein ! (artikel Koorddanser januari 2013)

De decembermaand ligt alle-goden-zij-dank weer achter ons. Hopelijk gaven de volledig vercommercialiseerde rituelen nog enkele kortstondige momenten van betekenis, voordat de beleving van deze ‘feestdagen’ weer vergleden in de immer voortgaande pruttelpot van geleefde tijd. We bevinden ons momenteel in de periode van ‘de-beste-wensen-hè? Een goed moment om eens stil te staan en te reflecteren op onze échte beleving van de vleesgeworden decembergewoonte, in de hoop dat het nieuwe jaar werkelijk iets nieuws zal brengen en wel élk moment opnieuw.

Laat me duidelijk zijn; er is helemaal niks mis met de behoefte aan rituelen, omdat ze op de een of andere manier een verbindend karakter hebben over iets dat groter lijkt dan waar we onszelf positioneren en rituelen nou eenmaal een kracht ontwikkelen die de zin van ons bestaan raakt voorbij de alledaagse werkelijkheid. Maar als de spirituele kracht van dit soort rituele momenten al decennia lang blijkt in te boeten en we moeten constateren dat het proces van nikserige vervlakking elk jaar alleen maar sterker wordt, is het wellicht tijd voor radicale delete of een zinvolle update.

Het postmoderne individualisme heeft ons de afgelopen decennia gevormd tot vereenzaamde ego’s. Volledig verstrikt in onze innerlijke werelden en slaaf van onze contexten proberen we onze bijna vanzelfsprekend geachte ‘ikkende’-vrijheidsautonomie te handhaven. We verhouden ons tot anderen zoals we dat willen gesteund door vrijheid van meningsuiting. We vinden wat we ergens van vinden; en that’s it. We dolen rond in de gemeenschappelijke ruimte waarbij we zoekende zijn naar onze zingeving; niet alleen voor wat betreft onze eigen levenswandel, maar ook over hoe we ons verhouden tot anderen; inclusief onze eigen familie. De essentie: we lijken we de sleutel tot onszelf kwijt. Weten we nog wel wie of wat we zijn? Een autonoom elementair ‘ikje’ dat elk moment kan kiezen hoe het wil leven? Of een ‘ik’ dat onlosmakelijk verbonden is met de context waarin we ons samen met anderen bevinden en waarbinnen we intersubjectief betekenis aan ons bestaan geven? Of zijn we het leven zelf?

Moe als we zijn van het opgezweepte zogenaamd maakbare leven van alledag, zijn we meer en meer van ons natuurlijke ontspannen Zijn weg geraakt. We ‘dobberen’ voort in het vleesgeworden compromis dat we zijn geworden. We doen de verveelde onverschilligheid die we in onszelf opmerken af als ‘vermoeidheid’, die met een vakantietje tussendoor wel weer zal verdwijnen. We hebben het vermogen om ‘gewoon maar door te gaan’ verfijnd tot een volledig geautomatiseerde ‘overlevingskunst’; gekleurd door onze persoonlijkheid. We snakken naar ruimte en grijpen ‘de feestdagen’ aan als illusie om een waarde-volle tijd te kunnen (be)leven met onze naasten. De Jumbo kerstcommercial ten top! De zogenaamd zingevende feestdagen zijn afgebrokkeld tot voortslepende momenten van eenzaam samenzijn. We hebben ons berust in ‘hoe het gaat’ en het dimlicht van ons hart teruggedraaid tot sociaal wenselijk gedrag.

De december-routine ontvouwt zich elk jaar volgens hetzelfde stramien. Maanden van te voren worden afspraken vastgelegd; in welke stal zullen we dit jaar onderdak hebben? De alomtegenwoordige verleidingsmachinerie van de commercie probeert ons vanuit stapels foldertjes en reclameboodschappen te verlokken tot kopen-kopen-kopen; van technoapparaat tot geurtje, van vooraf geconstrueerde lekkernij tot onze smetteloze Kerstkledij. Na rituelen op het werk waarbij het glas wordt geheven op de succesvolle toekomst, spoeden we ons met lange lijstjes naar Macro, Sligro of Super om alle voor-gefrutselde hapjes, soepjes, wijnen en toetjes op tijd binnen te hebben. Voor we het weten schuiven we onze stoel weer aan de zoveelste kerstdis waar het vooral gezellig moet zijn, het eten ‘verrukkelijk’ overdadig voedend is en waarbij we zoals altijd de echte gesprekken uit de weg gaan om de verstikkende vrede op aarde te kunnen bewaren. Op oudejaarsavond gaat het niet veel anders; de tijd wordt uitgezeten tot we om 00.00 uur vluchtig de drempelloze drempel overgaan; en we ons met bruisende bubbels na een vluchtig kusrondje ‘beste wensen’ naar buiten spoeden om gewapend met veilige lont en bril ons in het feestgedruis van de gekleurde knalfuif te storten.

We wentelen ons in het weeë gemak van gewoonte. We geven ons met een lauw gemoed over aan het vertrouwde. We willen comfort, kussentjes, warmte, met stemmig gekleurde Blokker-gezelligheid. We zitten helemaal niet te wachten op echtheid in contact. Liever de schijn dan de pijn. Zo lijkt het. Maar is dat werkelijk zo?

Kunnen we onze verstofte en commercieel geannexeerde rituelen ‘omdenken’ naar iets dat nieuwe betekenissen genereert? Kunnen we vanuit de Stilte aanvoelen ‘wat er wil gebeuren’ als we bereid zijn dit herhalingscircus achter ons te laten? Hebben we het lef onze versleten rituelen een elegante dood te laten sterven? Een update te vinden voor onze behoefte het einde van het jaar te ‘vieren’ met zingeving over ‘hoop’ en ‘nieuw’? Niet door terug te grijpen op oude waarden; de Grote Verhalen die eeuwenlang het cement van de samenleving vormden, ze zijn door de tijd vaal gepolijst tot metaforische stripverhalen.

De tijdgeest toont de eerste barsten in bestaande rituelen. De mogelijkheid doet zich voor om open te staan voor een transformatie die kennelijk wil gebeuren. De dialoog over het Sinterklaasfeest heeft geleid tot zelfs internationaal Zwartepieten. Maar is de stap naar Veelkleurige Pieten de oppepper die we zoeken? Doet zich nu niet de geweldige gelegenheid voor 5 december tot Nelson Mandela Dag uit te roepen, waarop Witte en Zwarte Poëten gedichtjes schrijven en ronddelen over medemenselijkheid, vergevingsgezindheid en echtheid? Knipperende led-lampjes kunnen het Licht dat centraal stond in de Oude Verhalen nooit vervangen. Tijd voor een echte stap voorwaarts.

Laten we beginnen met ons eigen Tahrirpleintje (Bevrijdingsplein) uit te roepen; waarop we een collectieve eerste stap kunnen maken. Niet fysiek buiten ons, maar in onszelf; door op 31 december bij het overgaan van de drempelloze drempel radicaal te breken met alle opgedroogde rituelen om vanaf dat moment te handelen vanuit echtheid zonder dat we al weten hoe dat verder vorm zal krijgen. Kunnen we in onze harten het verlangen terugvinden waarmee we ons willen ‘verbinden’ met anderen; in de wetenschap dat dit vraagt om echtheid; waarin we soms het achterste van onze tong moeten delen voor het contact weer open kan zijn?

De consequenties zijn er NU, in de periode waarin we dagenlang betekenisloze ‘beste wensen’ rondstrooien naar wie ons pad ook maar kruist. We weten niet eens over welke wensen we het hebben en wat we de ander zouden willen toewensen. Het is een sliertje niks ! Dat te willen weten vraagt op z’n minst om een momentje van echt contact in de ontmoeting; waarbij je je eerst zult moeten afstemmen op de persoon die voor je staat. Om vanuit de stilte en de presentie van die ander zomaar iets spontaan te durven zeggen, dat van binnenuit in woorden uitgedrukt wil worden. Als we contact maken en werkelijk iemands aanwezigheid ervaren, zijn we in staat aan te voelen waar iemands worsteling zit, hoe iemand zichzelf misschien kleiner maakt en welke sluimerende krachten en schoonheden in die ander aanwezig zijn die hem of haar tot bloei helpen komen. Zoiets kun je een ‘Blessing’ noemen. Niet als een specifieke religieus ritueel, maar als een kort intiem moment van de ander te zien!

Zou het niet prachtig zijn om ‘de beste wensen’ radicaal te vervangen voor een moment waarop we werkelijk even stil staan met iemand die ons pad kruist; waarbij we iets oprechts geven aan de ander en iets terugkrijgen dat we dieper dan terloops mogen ontvangen? Laten we 2014 met dit momentje Tahrirplein beginnen! Spaart u zegentjes? 

Robbert van Bruggen

 

Artikel in Koorddanser